Welkom op mijn blog die gewijd is aan het gebruik van ICT- en in bijzonder Web 2.0-tools, in de taalklas. Ik heb deze blog in de eerste plaats gemaakt voor collega’s die net als ik op zoek zijn naar nieuwe manieren om authentieke communicatie de klas binnen te ‘smokkelen’, om zo de studenten te motiveren en te laten genieten van een vreemde taal. Het Web 2.0 is daarvoor een ideaal instrument, denk ik.

Nu, het aantal nieuwe Web 2.0-tools schiet vandaag werkelijk als paddenstoelen uit de grond. Het doel van deze blog is echter niet om er daar zoveel mogelijk van te bespreken. Ik probeer me net te beperken tot diegene die ik nu al gebruik of waarvan ik denk dat ze in de toekomst nog van pas kunnen komen. Ik hoop in elk geval dat u er iets aan heeft en dat het een inspiratiebron kan zijn voor uw eigen lespraktijk. Het spreekt voor zich dat vragen, opmerkingen en suggesties steeds van harte welkom zijn!

Klik hier voor de Spaanse "tegenhanger" van deze blog. Para la versión española de este blog, da clic aquí


zaterdag 21 mei 2011

Webcam gesprekken opnemen

UPDATE: Sinds begin 2012 staat Wetoku "for sale". Geen idee of deze tool opnieuw zal verschijnen, maar voorlopig is deze dienst dus "buiten gebruik"!  Bijzonder jammer!!
Wetoku is een online tool waarmee je webcam interviews/gesprekken kunt opnemen en embedden in een site of weblog. Het werkt echt ontzettend eenvoudig en de kwaliteit is opvallend goed. Je maakt eerst een account aan en logt in. Op je openingsscherm staat eigenlijk nauwelijks informatie, maar wel één grote blauwe knop om te starten. Wanneer je erop drukt moet je eerst de naam ingeven van je interviewé/gesprekspartner en een titel geven aan het gesprek. Dan kom je meteen op het scherm waar alles om draait: je eigen webcam start automatisch en er verschijnt een link die je moet doorsturen (via mail/skype/...) naar je interviewé die er enkel op hoeft te klikken. Wanneer hij dat doet start bij hem automatisch het programma en verschijnt hij ook meteen op het scherm (niet in een klein hokje, maar in een kader van dezelfde grootte!). Je kan dan beginnen te chatten en door op 'record' te drukken het gesprek (en beide beeldschermen) opnemen. De opname verschijnt dan op jouw Wetoku-pagina en heeft een eigen URL en embed-code, zodat je het heel gemakkelijk met anderen kan delen.

maandag 16 mei 2011

Je scherm delen met anderen


QuickScreenShare is een toepassing voor het online delen van het bureaublad met andere gebruikers. Het principe is werkelijk supereenvoudig: je hoeft niks te installeren of te downloaden. Je hoeft je niet eens te registreren! Je surft enkel naar de site en geeft aan of je jouw scherm wilt delen of dat van iemand anders. Druk op "start" en het programma geeft je een unieke URL die je verstuurt naar je 'partner'. Wanneer die de link opent en toestemming geeft, kan je meteen beginnen. Binnen de tool zelf heb je dan enkele opties, maar die zijn weliswaar erg beperkt. Belangrijk is wel dat het programma in Safari niet bleek te werken (in Mozilla Firefox was de klus dan weer zo geklaard!). In dit filmpje wordt uitgelegd hoe je te werk gaat:



De laatste tijd gebruiken we steeds meer Google+ Hangouts om dit soort besprekingen te houden. Het voordeel is dat je erg makkelijk je scherm kan delen en videochatten tegelijkertijd (tot 10 deelnemers). Uiteraard heb je hiervoor wel een Google-account nodig (=> zelfde als je hotmail).



Beeldmateriaal voor in de les

Op deze site van Margreet van den Berg staat een erg interessant overzicht van allerhande sites waar beeldmateriaal te vinden is dat vrij mag gebruikt worden.
Op RedKid.net vond ik dit leuke tooltje waarmee je makkelijk de tekst kan aanpassen in aangeboden afbeeldingen (Ipad, fles vodka, lettertjes in de soep, enz.). Ik gebruik het wel 'ns om een oefening te illustreren. Op Imagechef (erg druk en te flashy naar mijn smaak) staan nog meer van dit soort afbeeldingen.
Heel leuk verder zijn ook Icon Archive en the-noun-project, waar je gratis icoontjes vindt voor héél wat objecten!
Zoek je vooral naar icoontjes, kijk dan ook zeker hier even.

zondag 1 mei 2011

Live polls in de klas

Met Polleverywhere is het mogelijk om een live-poll te organiseren in de klas. Het komt er op neer dat de studenten een bericht sturen naar een opgegeven telefoonnummer en je de antwoorden live ziet op het scherm. Er bestaan 2 types van polls:
  1. Een meerkeuze-vraag. Elk mogelijk antwoord heeft een code. De studenten sturen hun keuze door per GSM en je ziet meteen een grafiek met de antwoorden. Bij de betalende versie kun je ook de naam van de zender zien.
  2. Een open vraag, waarbij de student een klassieke SMS stuurt die wordt weergegeven op het scherm. De betalende versie biedt o.m. de keuze om de berichten eerst te 'monitoren' en eventuele ongepaste berichten eruit te filteren.
De gratis versie heeft dus een aantal beperkingen, maar voor een sporadisch gebruik vormen die niet echt een bezwaar. Zo kunnen per poll slechts 40 gratis antwoorden worden gegenereerd (20 studenten - 2 vragen bvb), maar je kan wel zoveel polls maken als je zelf wilt.
Op de site staan enkele filmpjes die je snel duidelijk maken hoe je te werk gaat. Een poll maken duurt nog geen 5 minuten!

Flisti is ook een interessant alternatief om snel een vraag te publiceren: je hoeft niet in te loggen én je kan aanvinken dat meerdere antwoorden mogelijk zijn. De vraag kan worden embed in een blog of wiki en onderaan kan men reageren op de vraag (of een discussie starten). Ik vind de reclame wel nogal schreewerig.

maandag 7 februari 2011

Feedback 'systematiseren' met "Markin"

Markin is een programma dat de gebruiker toelaat om op een systematische manier feedback te geven. Het principe bestaat erin om per fout (of item dat je wil becommentariëren, want het kan ook positief zijn!) een aparte knop aan te maken. Op die manier hoef je als leerkracht niet keer op keer dezelfde opmerkingen in teksten te schrijven.
Markin bestaat uit een redactiescherm waarin de te corrigeren tekst geplaatst wordt, en een knoppenset. De knoppen zijn dus gekoppeld aan veel voorkomende feedback. In de standaardfeedback kunnen links naar websites worden opgenomen en verwijzingen naar handboeken en syllabi. Naast de gestandaardiseerde feedback is het mogelijk meer specifiek commentaar te geven. Verder kan een algehele indruk van de tekst gegeven worden aan het eind van het werkstuk en kan een cijfer (of beoordeling) gegeven worden.
Daarnaast is het mogelijk om per taak, per groep en per jaar correctiestatistieken op te stellen.

Er is een uitgebreide beginnersgids te vinden op het internet, waar stap voor stap wordt uitgelegd hoe je te werk gaat. Het programma is iets ingewikkelder dan de ander programma's die ik hier bespreek en het neemt ook het uitdenken van een knoppenset neemt wel wat tijd in beslag. Ik hoorde echter dat er ook wikis bestaan waar je bestaande knoppensets zomaar kan downloaden (en vervolgens eventueel aanpassen).

Ik leerde het programma al een aantal jaren geleden kennen op een studiedag bij ons op school en heb er in die tijd ook uitgebreid mee geëxperimenteerd. Ik gaf toen o.a. het vak 'Franse handelscorrespondentie' waarvoor de studenten regelmatig schrijftaken indienden.  Nadat ik een uitgebreide knoppenset had aangemaakt, heb ik het programma even uitgetest, maar al snel stootte ik op volgende problemen:
  1. Het verbeteren zelf nam behoorlijk wat meer tijd in beslag, omdat je bij elke fout moet opgeven wat voor type fout het precies is (hoe uitgebreider de knoppenset, hoe moeilijker dit wordt). Wellicht gaat dit sneller na enige oefening.
  2. De hoofdreden waarvoor ik niet verder heb gewerkt met het programma was echter van puur technische aard: nadat ik de opdracht had gecorrigeerd, bleek het dikwijls (om een mij nog steeds onbekende reden) onmogelijk om het document te verzenden als webpagina (maar enkel als RTF-document, wat een aantal nadelen heeft).
Nu, op de "Taaldag 2011" die dit weekend plaats vond aan de Universiteit van Antwerpen, stelde professor Kris Buyse (KULeuven) een zeer interessante studie voor. Door de schrijftaken van zijn studenten systematisch te verbeteren met Markin, is hij erin geslaagd om de resultaten spectaculair te laten stijgen. Het gebruik van het programma kadert weliswaar in een bredere aanpak, waarin ook reflexie vooraf en nadien belangrijk zijn. De presentatie was in het Spaans, maar op het internet vond ik dit artikel in het Engels, waarin het experiment uitvoerig wordt beschreven.

Het toont ook aan dat ik wellicht te vroeg heb opgegeven destijds en dat ik het misschien 'ns opnieuw moet bekijken. :) Het lijkt me echter enkel nuttig wanneer je het systematisch kan gebruiken en je dus regelmatig schrijftaken geeft aan een bepaalde groep (bvb. in het kader van een correspondentiecursus of, zoals het geval is bij professor Buyse, een cursus 'vertalen').

zondag 6 februari 2011

Mondelinge feedback opnemen met "Jing"

Jing is een softwareprogramma waarmee video's (screencasts) of afbeeldingen (screenshots) gemaakt kunnen worden van het computerscherm. Je kiest daarvoor eerst -met een verplaatsbaar kader- welk deel van je scherm zichtbaar moet zijn en drukt vervolgens op de opnameknop. Je mondelinge commentaar wordt vanaf dat moment opgenomen, terwijl je met je cursor bijvoorbeeld zaken op het scherm kan aanduiden, enz. Het programma kan nog heel wat meer, maar deze functie lijkt erg interessant om directe en persoonlijke feedback te geven op een schriftelijke taak van een student. Met de gratis versie van Jing is het mogelijk om filmpjes te maken van maximaal 5 minuten, maar dat volstaat wellicht ruimschoots voor deze toepassing. Een groot voordeel van het programma is dat je het opgenomen bestandje nadien heel eenvoudig kan opsturen met mail of publiceren (op Toledo of een blog).
Wat ook interessant kan zijn, is om op deze manier een opdracht mondeling te formuleren i.p.v. schriftelijk. Kijk hier voor meer uitleg over het programma en voorts staan ook op Youtube tal van tutorials.

Orden woorden in een "mindmap"

Een mindmap is een grafische voorstelling die de verbanden tussen verschillende begrippen (of woorden) heel mooi uitbeeldt. Het zou een ideale manier zijn om woorden uit eenzelfde semantisch veld op deze manier in kaart te brengen én in te studeren. Je kan zelf zo'n mindmap voor je studenten ontwerpen, maar ze kunnen dit uiteraard ook zelf doen.
Online zijn er tal van gratis programma's te vinden waarmee je dit kan doen. Tijdens een workshop bij Tollnet leerde ik Popplet kennen. Het voordeel is vooral dat je met veel personen aan dezelfde mindmap kan werken.  Mind 42 is een leuk alternatief, maar is slechts gratis voor 3 personen. Verder is ook Bubbl.us een bekende tool en hier staan er nog een aantal. Tot slot geef ik nog Spiderscribe mee, waarover een interessante bijdrage staat op deze blog van Margreet van den Berg. Op YouTube vind je bovendien tal van tutorials (gewoon even de naam van het programma intikken...)!

Maak een woordenwolk met "Tagxedo" of "Tagul"

Tagxedo is gelijkaardig aan het eerder besproken Wordle, maar je hebt enkele extra-opties. Zo kan je zelf het aantal woorden bepalen dat moet worden geafficheerd en kun je ook de taal van de tekst ingeven, waardoor frequente woorden (lidwoorden, enz.) in die taal niet worden opgenomen in de woordenwolk. Het leuke (aan beide programma's) is dat je ook rechtstreeks een URL kan invoeren, waardoor je meteen de meest voorkomende woorden ziet van de website. Erg interessant aan Tagxedo is ook dat je zelf de vorm van je Wordcloud kunt bepalen (bvb de vorm van een hart, hond, enz.).
Ook Tagul heeft enkele interessante troeven t.o.v. Wordle bijvoorbeeld. Zo kan je ook hier de vorm van de woordenwolk voor een stuk bepalen, maar de grote troef van dit programma is dat je een website kan linken aan de woorden uit de woordenwolk. Standaard word je doorverwezen naar de Google-zoekpagina van het woord, maar je kan makkelijk de link aanpassen, zodat je automatisch op de gewenste pagina terecht komt... Hier zie je hoe het werkt:


Welk woord komt het vaakst voor?

Voor wat het waard is: wanneer je twijfelt of een bepaald woord (of woordcombinatie) al dan niet vaker voorkomt dan een ander woord, kijk dan eens op "Google Battle". Tik beide woorden in en je ziet meteen het resultaat. Het zegt uiteraard niets over de context waarin de woorden voorkomen, maar het kan eventueel nuttig zijn om na te gaan welke woordcombinaties vaakst voorkomen (bvb. een werkwoord samen met een voorzetsel). In dat geval zet je de combinatie tussen "aanhalingstekens".

Vertel het met "Mixbook"

"Mixbook" is een programma waarmee je zelf -online- je fotoalbum samenstelt. Er zijn tal van sjablonen en bovendien kan je je foto's voorzien van tekst. Om het album af te drukken (en bij je thuis te laten bezorgen), moet je uiteraard betalen, maar je kan het boek ook gratis -online- bewaren.
Het programma is dus -net als vele andere- niet echt ontwikkeld vanuit een didactisch oogpunt, maar kan wél zo worden gebruikt! Op de site staan duizenden voorbeelden van studenten die het programma hebben gebruikt om één of ander onderwerp voor te stellen: "Mi día" (mijn dag), een interview, nieuwe woorden, ...
Dit soort oefeningen lijkt meer iets voor het secundair onderwijs en jammergenoeg kunnen ook enkel foto's worden gebruikt ter ondersteuning (en geen video, audio, links,...). Misschien is het wel leuk om 'ns op deze manier een verslag te maken over een studiereis?